Hoe een vogelhuisje ophangen? 5 tips!

In de vroege lente gaan tuinvogels op zoek naar geschikte plaats om hun nest te maken. Door ontbossing en verstedelijking zijn er de laatste jaren echter steeds meer natuurlijke broedplaatsen verdwenen. Gelukkig helpt het plaatsen van een vogelhuisje voor een veilige broedplaats. Wil je graag één of meerdere nestkastjes in je tuin plaatsen, maar weet je niet goed waar te beginnen? Dan helpen we je graag op weg met onderstaande tips voor het ophangen van een vogelhuisje!

1. Wees er zo vroeg mogelijk bij

Wanneer de broedtijd begint voor vogels ben je eigenlijk al een beetje te laat. De meeste vogels beginnen al een tijdje voor de broedtijd op zoek te gaan naar mogelijke nestplaatsen. Hang daarom je nestkastje liefst ten laatste op in maart of april.

2. Kies een rustige plaats

Vogels zijn steeds op hun hoede en houden er niet van dat er veel beweging is rondom hun broedplaats. Vermijd daarom plaatsen zoals vlak boven een voordeur of een terrastafel.

3. Hang op 1,5 à 2 meter hoogte

De hoogte van het nestkastje is bepalend voor zowel het gemak als de veiligheid van de vogels. Bovendien kan je op deze hoogte eenvoudig de bezetting controleren. Heb je een kat (in de buurt)? Hang het nestkastje dan voor de veiligheid minstens op 2,5 meter hoogte.

4. Let op de invliegopening

De invliegopening plaats je naar het noorden, oosten of het noordoosten. Zo hangt het vogelhuisje uit de zon, wind en regen, aangezien het zuidwesten de heersende windrichting is.

5. Beplanting rondom het nestkastje

Door je vogelhuisje op te hangen tussen de takken bescherm je het tegen hevige regen en felle zon. Bovendien gebruiken de jongen de omliggende takjes om te leren vliegen. Let wel op dat de takken en bladeren de invliegopening niet verhinderen bij het in- en uitvliegen.

Veel succes!